Nieuwe trend cyberpesten : digitale zelfbeschadiging

De zelfbeschadiging van tieners in de vorm van snijden, krassen of zelf aangebrachte brandwonden heeft de afgelopen jaren veel aandacht gekregen. Het gedrag veroorzaakt lichamelijke schade en is een uiting van interne spanning, zelfdestructie en soms aandacht zoeken. Vaak is het gedrag gekoppeld aan zelfmoord.

Meer recentelijk is er in de VS een nieuwe vorm van zelfbeschadiging bij jongeren ontstaan ​​en is het een nieuw waarschuwingssignaal, verklaart een onderzoeker en pestspecialist van de Florida Atlantic University.

Het gedrag: 'digitale zelfverminking', 'digitale elfbeschadiging' of 'self-cyberbullying' vertaald 'zelfcyberpesten', komt voor wanneer adolescenten anoniem online onvriendelijke berichten versturen of delen over zichzelf. Het gebeurt meestal als een vorm van digitale zelfkastijding en komt vaak over als een hulpkreet.

Een nieuwe studie is de eerste om de omvang van dit gedrag te onderzoeken.

"Het idee dat iemand zichzelf cyberpest, heeft  in 2013 de aandacht gekregen door de tragische zelfmoord van de 14-jarige Hannah Smith nadat ze anoniem haatboodschappen had gepost over zichzelf op een sociale media platform, een paar weken voordat ze zich van het leven benam", aldus wetenschapper Sameer Hinduja, Ph.D.

Hinduja is professor in de FAU's School of Criminology and Criminal Justice in het College voor Ontwerp en Sociale Onderzoek, en mededirecteur van het Cyberbullying Research Center.

"We wisten dat we dit ook empirisch moesten bestuderen, en ik was verbaasd om te ontdekken dat ongeveer 1 op de 20 leerlingen van puberteitsleeftijd zich online hebben gepest.'

De onderzoekers gebruikten een nationaal representatieve steekproef van 5.593 middelbare schoolleerlingen tussen 12 en 17 jaar, die in de Verenigde Staten woonden om te ontdekken hoeveel jongeren deelnamen aan digitale beschadiging, evenals hun motivaties voor dit gedrag.

De onderzoekers onderzochten ook of bepaalde kenmerken van offline zelfbeschadiging zoals zichzelf snijden, krassen, verbranden ook van toepassing is op digitale vormen van zelfbeschadiging.

Resultaten van de studie tonen aan dat bijna 6 procent van de tieners meldde dat ze anoniem iets negatiefs online  hadden gemeld over zichzelf. De helft (51,3 procent) vertelde dat ze het maar één keer deden, ongeveer een derde (35,5 procent) zei dat ze het een paar keer gedaan hadden, terwijl 13,2 procent zeiden dat ze het al vaak gedaan hadden.

Jongens hadden meer kans om deel te nemen aan dit gedrag (7 procent) ten opzichte van meisjes (5 procent). Hun redenen waren echter sterk verschillend.

Jongens beschreven hun gedrag eerder als een grap of een manier om aandacht te krijgen, terwijl meisjes vertelden dat ze het deden omdat ze depressief waren of psychisch met zichzelf in de knoei zaten.  Ze wilden zichzelf kwetsen en door negatieve berichten over zichzelf te posten, probeerden ze anderen tegen henzelf op te zetten, zodat ze de psychische pijn van vernederingen zouden ondervinden.

Deze bevinding is vooral zorgwekkend voor de onderzoekers, aangezien er meer kans bestaat dat dit gedrag onder meisjes leidt tot poging tot zelfmoord.

Om de motivaties achter het gedrag vast te stellen, stelden de onderzoekers een open vraag die de respondenten vroeg ​​om hun te vertellen waarom ze zich bezighielden met digitale zelfbeschadiging.

De meeste reacties richten zich op bepaalde thema's: zelfhaat; aandacht zoeken; depressieve symptomen; suïcidaal voelen; maar soms ook gewoon grappig zijn om te zien of iemand zou reageren. Kwalitatieve gegevens uit de studie toonden aan dat veel mensen die deelnamen aan digitale zelfbeschadiging op zoek waren naar een reactie.

Leeftijd en ras van de respondenten speelden geen rol in de zelfbeschadiging.

Tieners die geïdentificeerd werden als niet-heteroseksueel, hadden drie keer meer kans om zichzelf negatief online te kastijden. Daarnaast hadden slachtoffers van cyberpesten bijna twaalf keer meer kans om zelf cyberpestgedrag naar henzelf te uiten in vergelijking met degenen die geen slachtoffers waren.

Degenen die rapporteerden dat ze drugs gebruikten of deelgenomen hadden aan een of andere vorm van negatief afwijkend gedrag, depressieve symptomen  vertoonden of eerder aan lichamelijke zelfverminking hadden gedaan, waren allemaal significant meer betrokken bij digitale zelfbeschadiging.

"Voorafgaand onderzoek heeft aangetoond dat zelfbeschadiging/zelfverminking en depressie gekoppeld zijn aan een verhoogd risico op zelfmoord en bijgevolg moeten we net zoals bij fysieke zelfverminking en depressie nauwlettend kijken naar de mogelijkheid dat digitaal zelfbeschadigend gedrag zich zou voordoen voor zelfmoordpogingen," zei Hinduja.

Soms moeten we stoppen met het demoniseren van degenen die pesten en niet te snel naar daders zoeken omdat de de daders ook wel bij de slachtoffers zelf kunnen zitten en in gelukkig uitzonderlijke gevallen de pester en het slachtoffer of de  agressor en het doel dezelfde kunnen zijn. Hun digitaal zelfbeschadigend gedrag kan een uiting zijn van onderliggende spanning, onrust, psychische problemen en er moet dan dringend  hulp geboden worden.

Bronnen

Rick Nauert PhD https://psychcentral.com/news/2017/10/31/new-twist-on-dangerous-trend-cyberbullying-oneself/128142.html

https://www.eurekalert.org/pub_releases/2017-10/fau-bta103017.php